• Daniel Takken zoekt in zijn visserij rust
  • Aanpassingen in de onderlijnen zoals de Kontinental haken
  • Tijdens de hectische nachten kwamen zowel SKP spiegels
  • Zelfs het overschakelen naar dik, soepel onderlijnmateriaal
  • Met de "Tak-tanic" komen een hoop stekken binnen
  • De boot van Daniel Takken heeft hem dit jaar

08.10.18

Een einde aan lossers - Daniel Takken

In mijn visserij heeft altijd een rode draad gelopen, namelijk de drang naar vrijheid. Die vrijheid kreeg in december 2016 een nieuwe dimensie toen ik mijn eerste serieuze boot kocht. Na een jaar waarbij ik veel nieuwe wateren ontdekte, besloot ik om mijn boot dit jaar dusdanig te verbouwen dat ik er fatsoenlijk nachten uit kon gaan vissen. Eind juli was ‘ie eindelijk klaar, en kon ik los!

Alle begin is moeilijk, en het vissen vanuit een boot is enorm wennen. Het allerbelangrijkste zijn de praktische dingen die je moet regelen om veilig en stabiel te kunnen liggen, en dat is een kwestie van vallen en opstaan.
De eerste sessie stond er een Noord-Westenwind kracht 3 – op papier klinkt dat allemaal niet zo spannend. Toch bleek het aanleggen van de boot met kap een ware crime. De steekstokken zijn zwaar en de boot bleef constant wegdriften van de positie waar ik ‘m wilde hebben. Uiteindelijk kreeg ik na een half uurtje zwoegen de boel goed in positie en kon ik me eindelijk met het vissen bezig gaan houden!

Dat het vissen vanuit een boot een nieuwe wereld opent bleek wel. Ik kon nu exact daar vissen waar een groot deel van het bestand zich ophield, en die eerste nacht kreeg ik zeven aanbeten. Helaas loste ik maar liefst vier van de zeven vissen, vaak zeer kort na de aanbeet. Twijfels maakten zich van mij meester, ik verspeel normaal gesproken zeer weinig, laat staan op open water waar de vissen doorgaans met vertrouwen azen.
Het enige wat ik kon bedenken was dat de extreem hoge watertemperatuur, die al weken zo was, ervoor zorgde dat de bekken van de vissen zachter waren dan normaal.

De volgende sessie besloot ik om mijn vertrouwde Wide gape X haken te upgraden naar de Wide gape XX in maat 4, en op de andere hengel een Kontinental maat 4 te gaan inzetten. Het idee was dat de dikkere draad minder zou snijden in de zachte bekken en daardoor meer grip zou houden. Tevens besloot ik om de krimpkous te verlengen en dusdanig af te buigen dat de haakpunt behoorlijk afgeschermd werd. Hierdoor draait en prikt de haak pas op het laatste moment, waardoor diepere inhakingen worden voorkomen en de haak eigenlijk altijd in het harde onderste gedeelte voorin de bek prikt.

Verder was het mijn makker Bart en mijzelf tijdens een eerdere gezamelijke voorjaarstrip opgevallen dat de inhakingen op 18-20 cm. lange onderlijnen in sommige gevallen beter was op volledig soepel onderlijnmateriaal dan op een deels gecoat materiaal. Ook dat nam ik mee in de aanpassingen, en ik knoopte alle onderlijnen van Dark Matter 20lb. Naast het feit dat dit spul ijzersterk is en uit zichzelf zinkt, heeft het ook als voordeel dat het iets dikker is dan een andere braid uit de 20lb categorie. Mocht de onderlijn dan tijdens de dril in contact komen met de mondhoeken van de vis, dan is de kans dat dit gaat snijden ook minimaal.

Daarnaast was opgevallen dat kreeftjes en witvis zich ook wisten te laven aan mijn boilies, met als gevolg dat er na een uur of vier weinig meer van overbleef. Gelukkig heb ik altijd een paar pakjes superwrap in m’n tas zitten en was daarmee dat probleem ook opgelost.

Vier sessies verder bleek dat de aanpassingen zich uitbetaald hadden – ik loste niet één vis meer en ook het praktische vissen vanuit mijn 8 vierkante meter ging me steeds beter af. De nachten worden nu korter, maar de ochtenden des te mooier. Ik geniet volop van de vrijheid, rust en ruimte van het kabbelende water en denk dat ik mijn zen wel gevonden heb.


NEXT STORY