13.10.14

Vroege herfstbuit - Nico Vereecken

Wie me een beetje kent die weet dat ik niet echt graag vis in de zomer. Daarmee hou ik voldoende vakantie dagen over om vanaf september in vol ornaat klaar te zijn voor de eerste herfstdagen.
Dit jaar was de vruchtmaand echter warmer en zonniger dan de druilige augustusmaand. Mijn plan kwam in het gedrang.

Als ik me voor een eerste sessie aan de waterkant aanmeld, staan de zweetparels als regendruppels op mijn voorhoofd. De zon brandt door mijn alsmaar dunner wordende haarbos op mijn hoofdhuid. Eenmaal ik mij geïnstalleerd heb op de gekozen stek kleeft mijn tong van droogte tegen mijn gehemelte. De warmte hoofdpijn bonkt als een specht op zoek naar insecten tegen mijn schedelpan. Ik wijt dit aan de warmte. Ik vermoed dat met deze warmte de vissen enkel s’nachts zullen azen en overdag zich in de warme waterlagen zullen laven. Raar kijk ik op als één van mijn Delkims een halfuurtje later een zakker meld. Dit voorspelt niet veel goeds. Brasem! Drie kwartier later volgt een tweede. En je kan het al raden tegen de middag ben ik de spreekwoordelijke tel al kwijt. Ik vervang de 20mm haakboilies door een 24mm maar dit brengt geen zoden. Ondertussen probeer ik de karper te lokaliseren maar ze vertonen zich niet. Een vriendelijke collega visser die op de andere zijde van het syndicaatwater zit te vissen meld me dat hij toch karperactiviteit uiterst rechts van mij gezien heeft. Ik twijfel niet en ondanks de hitte verkas ik. Voor de zonsondergang liggen de hengel op hun plaats. De ganse nacht lig ik op vinkenslag maar zoals je al raadt vang ik niks anders dan brasem. Gedemotiveerd ruim ik op en hoop dat het weer zal omslaan. De week nadien ben ik er al terug maar het relaas kan kort zijn. Ik vang niks anders dan die uitgehongerde brasems waarbij sommige exemplaren al de proportie hebben van een gezonde karperjongeling! Ik vervloek ze nu stilaan. Een goede vriend maakt me aan het lachen met de opmerking dat er toch activiteit op mijn stek is maar mijn gemoed is niet te bedaren. Ik snak naar de volgende viskans en die biedt zich aan op het einde van de week nadien. En eindelijk, het weer is aan het omslaan. Spijtig genoeg kan ik nu maar één nacht vissen maar die brengt 4 mooie karpers op het droge. Eindelijk, ik kan mijn geluk niet op. Nu slaat het weer volledig om. Als een zeemeermin die zeevaarders lonkt, word ik door de waterkant aangetrokken. Ik zal vissen en een recupdag op het werkt brengt soelaas. Nadat mijn zoon naar school is vertrokken rep ik me naar het water. Er is eindelijk wind en de temperatuur is gezakt met meer dan 10°. De machtige bomen die achter de topstek groeien verliezen hun bladeren, de stilte wordt doorbroken door de kastanjeboom die zijn stekelige bolsters laat vallen. Ten langen leste is het herfst.

Maar de hengels blijven onaangeroerd liggen op de steunen. Ik verlies mijn geduld niet maar drink sloten koffie terwijl ik observeer. Juist voor zonsondergang springt er een dikke karper recht op de stek volledig uit het water. De nacht zal mijn partner in crime zijn. Gelukkig is de nacht al langer dan de dag. Een uur voor middernacht moet ik uit de slaapzak, een eerste schubkarper meld zich. Het is een oude kennis die een goede vriend een maand geleden ook nog had gevangen. Hij heeft zich duidelijk goed gedaan op het veelvuldig aangeboden aas. Hij klokt af op 18kg2. Er springt nog vis op de stek en ondanks de bijna volle maan kan ik de exacte plaats niet bepalen. Ik werp de hengel in op de molenklip. Nu weet ik dat ik goed lig. Ik sluimer in als ik nog maar juist in de warme slaapzak kruip. Maar algauw word ik gewekt door een nieuwe melding op de Delkim. Eerst één biep, dan een plotseling een keiharde run. Ik spring de slaapzak uit en algauw sta ik een vis te drillen met één laars aan terwijl de andere zich ongeveer in de buurt van mijn voet bevind. Maar mijn volle aandacht is bij de dril. Snel vermoed ik dat er een betere vis aan de haak zit aanzien de vis op zijn gewicht in de diepte blijft. Als ik hem dichterbij kan brengen wordt mijn vermoeden bevestigd. Een grote schub meld zich voor de eerste keer aan de oppervlakte. In het licht van de maan dat over het water weerspiegeld kan ik de contouren waarnemen. Ik drijf de druk een beetje op en ontsnappen word onmogelijk voor de karpergigant. Enkele ogenblikken later kan ik de vis scheppen en zijn plek op de linkerzijde verraad zijn identiteit : De Blokschub! Top of the league. De eerste herfstbuit is binnen!

Nico Vereecken

News ArchiveNEWS ARCHIVE

ARCHIVE