28.01.13

Underwater revelations deel 2 - Ali Hamidi

Het camoufleren van je eind montage… maakt het echt iets uit?

Binnen de revolutionaire Underwater serie zijn er twee onderwerpen die zeer diepgaand worden behandeld. De eerste is de reactie van de karper op het aangeboden voer, de tweede is de reactie van de karper op de aangeboden montage met haakaas. Natuurlijk is het allereerst belangrijk om te weten waar de karper zich ophoudt. Als je dit weet, begint de introductie van het voer en daarna een montage waar de karper zich niet bewust van is. Wanneer de karpers volop aan het azen zijn is het camoufleren van een rig volgens mij eigenlijk niet zo belangrijk. De karpers zijn zo druk met het eten van het voer, waardoor ze weinig aandacht hebben voor de gebruikte montage. Dit verandert echter dramatisch in perioden waarin de karpers maar weinig azen of in wateren die zeer helder zijn en zwaar worden bevist. Dan wordt het camoufleren van je montage als het ware prioriteit nummer één. Nu weet je natuurlijk nooit precies of de karpers vol op het voer zitten of dat ze er alleen maar over heen zwemmen en af en toe iets oppakken. Met een „normale“ montage reduceer je dus eigenlijk vanaf het begin je vangkansen met 50%. Camouflage van je montage brengt je wat dat betreft in ieder geval een veel grotere vangkans.

Tijdens de opnames van Underwater deden wij er alles aan om onze montage zo veel als mogelijk te camoufleren. In combinatie met onze „buffet feeding“ theorie wisten wij hiermee de meest bekende en moeilijkst te vangen karpers waaronder de mythische „Big Plated“ in het St John´s complex te landen. Onze hoofdlijn bestond uit Kontour fluorcarbon. Deze lijn verdwijnt als het ware zodra deze in het water komt. Het is verder een zware lijn die zeer snel naar de bodem zinkt, waardoor het gebruik van back leads niet meer nodig is. Als leader gebruikten wij de superzware Dark Matter Tubing. Deze leader bewerkten wij nog eens extra met een zwarte stift om het zo nog beter te camoufleren. Als lood gebruikten wij het COG systeem. Deze heeft eigenlijk dezelfde inhakings eigenschappen als een in-line lood, maar gedraagt zich na de aanbeet als een wartellood aan een safety clip.

De kleur van zowel het lood als de clip pasten bij de bodem en waren achter het beeldscherm ook door ons eigenlijk niet meer te zien. Als haak gebruikten wij de Kaptor in de kleur Gravel. Door de matte afwerking heb je geen kans op weerkaatsing van het licht, wat mogelijk karpers zou kunnen afschrikken. De D-rig, één van de meest effectieve rigs die wij kennen, was geknoopt met IQ2 fluorcarbon. Ook deze onderlijn verdwijnt in het water en is vrijwel onzichtbaar voor de karper. Voor ons was het iedere keer uiterst moeilijk en soms zelfs onmogelijk om de montage op onze beeldschermen te herkennen. Het enige dat wij zagen was het haakaas en verder niets.

Hoewel wij de D-rig ook met ander onderlijnmateriaal knoopten, zoals gecoate gevlochten lijn of Supernatural, bleek met de iq2 op dit uitermate helder water toch stukken beter te vangen.

Om verwarring tijdens het werpen tegen te gaan maakten wij gebruik van oplosbaar foam en een Anti Tangle Sleeve. Op de beelden is zeer goed te zien hoe de stijvere fluor carbon onderlijn, nadat de foam loslaat van de haak, van het lood weggedrukt wordt en alles perfect op de bodem komt te liggen. Het water in St John´s is zoals gezegd uitermate helder, wat er voor zorgde dat de karpers die onze ondiepe oeverstek bezochten alle mogelijkheid hadden ieder onnatuurlijk object te ontdekken. Alleen door het correct camoufleren van onze montage wisten wij de karpers een belangrijke stap voor te zijn. Ik ben ervan overtuigd dat wij, zeker op druk beviste wateren, regelmatig aanbeten missen, omdat de karpers onze montages „waarnemen“. Iedere stap om dit tegen te gaan kan de vangkans alleen maar vergroten.

Tot de volgende keer,

Ali Hamidi

News ArchiveNEWS ARCHIVE

ARCHIVE