24.05.16

Snel pennen - Maurice Samar

Eind april staat er een weekje verlof gepland, en uitgerekend nu is ons land bedekt met een koude depressie. Bepaalde delen van het land worden zelfs geconfronteerd met winterse buien en dat in de laatste week van april. De vrije week staat voor de verandering eens niet in het teken van vissen maar klussen in de tuin. Ik heb mezelf voorgenomen twee dagdelen gedurende de week vrijaf te geven en de rust langs de waterkant op te zoeken. De statische stokken en piepers laat ik thuis, er wordt een penhengel opgetuigd en ga wat struinen. Een heerlijke actieve visserij, licht bepakt, snel schakelen, zoeken en meters maken. De klassieke stekjes krijgen zoals gewoonlijk wat extra aandacht zoals de stuwen, de jonge rietscheuten en over het water hangende struiken. Hier en daar een paar handjes partikels achterlatend is vaak voldoende om de vis aan het azen te krijgen. Vervolgens houden we de stekjes in de gaten en zodra er een karper ligt te scharrelen laten we het pennetje zakken. Een simpele maar zeer doeltreffende methode, die ik maar al te graag inzet.

De ochtend snijdt er een gure koude wind maar zo nu en dan is er wat ruimte voor de zon. Ik speur de waterkant af en strak naast de stuw tref ik een vis. Een wapperend staartje verraad de vis, ik schuif een metertje op en voer een klein handje partikels in de kant. Zo’n handje voer droppen probeer ik zo delicaat mogelijk te doen door om de paar seconden wat korrels voorzichtig te laten zakken. De vis aast rustig door richting de partikeldeeltjes, het pennetje plaats ik ruim achter de azende vis en trek deze rustig terug richting het stekje. Vervolgens gaat het snel, de onvermijdelijke beet volgt en ik zet de haak. Een gierende centrepin krijst het uit en de lichte penhengel buigt tot in het kurk fantastisch. Niet veel later ligt er een mooi schubje ligt op adem te komen in m’n net. Tijdens het fotograferen breekt de zon nog even door en geeft het een mooi voorjaarsbeeld. In de verte meldt zich echter de volgende bui en ik besluit m’n boeltje te pakken en richting huis te gaan.
Twee dagen later ben ik terug en weet ik het kunstje nogmaals te flikken, en weet die ochtend twee betere vissen van het dun bezette sluisdeel te peuteren.

News ArchiveNEWS ARCHIVE

ARCHIVE